Geschiedenis Algemeen
Bron: ĎEigene Linieí door Manfred Blumenthal

De oorsprong van IWL

Na de Tweede Wereldoorlog kwam de auto-productie  bijna geheel tot stilstand. De grote Duitse ondernemingen hebben in de laatste jaren van de oorlog in feite alleen voor het duitse leger en de duitse luchtmacht oorlogstuig geproduceerd. Na de capitulatie en de verdeling van het Duitse Rijk in de vier sectoren nat het reparatievermogen van de door de oorlog getroffen productie af. Vanaf dat moment is er een productieomschakeling van militaire naar civiele goederen. ZoŲok de Daimler-Benz-fabriek in Ludwigsfelde, waar sinds 1936 vliegtuig motoren werden gefabriceerd werd na de oorlog volledig ontmanteld. Alleen aan het einde van de jaren veertig begon weer langzaam de productie. Eerst produceerden ze alleen gereedschap maar al snel werd er een breed scala aan zee-, race-en vliegtuigmotoren, oliebranders, diesel vrachtwagens en SUV's soms zelfs de P2 en P3 geproduceerd. De Daimlerfabriek in Ludwigsfelde werd na de DDRnationalisatie in 1945 een Volks Eigene Betrieb VEB (staatsbedrijf) en produceerde toen alleen nog artikelen voor huishoudelijk gebruik. Het volgende jaar ontstond de IFA (Industrieverwaltung FAhrzeugbau) en in 1952 werd de IndustriŽle fabriek in Ludwigsfelde (IWL)  opgericht. De productie van de huishoudelijke apparaten ging over in de productie van industriŽle machines en landbouwapparatuur. Al in 1953 ontstonden de eerste ideeŽn om een scooter te bouwen. Dit was voor de ingenieurs een nieuw gebied, omdat er tot op dat moment geen motorfietsen in Ludwigsfelde werden geproduceerd. Het daaropvolgende jaar in 1954 was het eerste prototype klaar. De allereerste scooter, genaamd "hexe" (heks) van de ontwerper Max Freihoff uit Ehrenhain (bij Leipzig) voldeed uiteindelijk niet aan de wensen van het hoofdkantoor en werd niet in productie genomen. MZ zond specialisten naar Ludwigsfelde voor de vervaardiging en de ontwikkeling van een nieuw prototyp scooter. In september 1953, werd een een team (in de DDR, heette dat een "collectief") door Roland Berger samengesteld. Men gaf hen tot 21 December 1953 (Stalin's verjaardag) tijd (slechts 81 dagen), om een blauwdruk en ten minste ťťn experimenteel model om te bouwen. Dat was iets te hoog gegrepen, want  het duurde tot 6 Februari 1955 voordat de productielijn werd gestart. De pilotreeks van 20 scooters stond in april 1955 op de wielen. De "Pitty" van de Industrie Werke Ludwigsfelde ( "IWL") leek op de West-Duitse Heinkel en Goggo Scooters. Het prototype bestond in hoofdzaak uit de combinatie van een nieuw frame en chassisontwerp van de beproefde DKW  RT125 (IFA). De Pitty werd al heel snel (in 1956) gevolgd door de SR56 "Wiesel" die niet alleen een optische verbetering was, maar ook technisch een behoorlijke ontwikkeling had ondergaan. Na enkele technische wijzigingen van de Wiesel werd in 1959 in Ludwigsfelde de SR59 "Berlin" geproduceerd. De IWL-scooter heeft nu 143 kubieke meter cylinderinhoud en verschilt optisch nauwelijks van de Wiesel. Het meest opmerkelijke is de verdeling van de bestuurder- en passagierszetel. Onder een nieuwe technische leiding ontstond in 1963 de "Troll-1". Met zijn krachtige 9,5 PK motor  en grotere veerweg wint hij het comfort ten opzichte van de overige scooters. Toch eindigde in 1964 de scooter productie in Ludwigsfelde. Daarna werd in Ludwigsfeld onder leiding van IFA de productie van een vrachtwagen type "W50" geproduceerd.
De laatste handelingen aan enkele splinternieuwe Trolls
Lopende band van de Troll 1, die vanaf 1963 in productie was. Monteur Manfred Jšckel heeft de MZ-Motor in het frame ingebouwd en sluit de carburateur aan.
Monteur Dieter Sage die ingewerkt wordt kijkt toe.
De laatste handelingen aan de allereerste Pitty's. (foto uit 1956)
In juli 1960 liep de 100.000 scooter va nde band. Dit was een Berlin SR59.
Produktiehallen
IWL Museum
De voormalige Daimler-Benz fabriek werden in 1954 de eerste Pitty's gefabriceerd. In hal 2 (linksboven) werden de onderdelen gefabriceerd. In hal 5 (rechtsboven) werden de scooters gemonteerd. In hal 4 (linksonder) bedreef men de sozialbau. De foto rechts onder toont de afbreuk van hal 6, eveneens een montagehal. Geen van de hallen bestaan nog. Ze zijn allemaal rond 1999 gesloopt voor nieuwe industrie
Het oude museum van Ludwigsfeld bestaat niet meer. Het nieuwe museum is gevestigd  op het station van de stad ludwigsfelfde.
Adres: Am Bahnhof 2
14974 Ludwigsfelde
Klik op onderstaande slide-show om de plaketten uitgebreid te bekijken